Deze meerkeuzevragen kennen maar een goed antwoord. Klik dat aan. Als je
klaar bent met de toets print deze dan en levert hem in bij de docent voor een
cijfer.
Naam:
Klas Werkgroep
Aantal punten Cijfer
1. De kalmerende woorden van de portier hadden
op de agressieve discobezoeker een averechtse
uitwerking.
2. "Bespaar me
je opmerkingen!" riep de verontwaardigde leraar uit.
3. Het duel
tussen Ajax en PSV eindigde in een gelijkspel.
4. De sportleraar
hecht meer belang aan
inzet van de leerlingen dan aan prestaties.
5. De moordenaar heeft zijn daad
in koelen bloede
verricht.
6. Volgens deze
psycholoog
is liegen een dagelijks verschijnsel; gemiddeld vertellen we
anderhalve leugen per dag.
7. Restaurant De Olifant heeft in zijn
vijfjarige bestaan een zekere reputatie
opgebouwd.
8. Het is terecht
dat je gewonnen hebt, want je had de meeste antwoorden goed.
9. De schurk probeerde zijn vijand in het
verderf
te storten.
10. In een oorlog vallen meestal veel doden en
raken mensen verminkt.
11. In de Verenigde Staten is de rekening in
een restaurant meestal exclusief
bedieningsgeld. Daardoor denk je als toerist in het begin dat je voordelig uit
bent.
exclusief betekent hier:
1Uitsluitend
2Niet voor iedereen
A.
Beide zijn goed
B.
I is goed en II is fout
C.
I is fout en II is goed
D.
Beide zijn fout
12. De excursie
naar het verzorgingstehuis in Rotterdam was zeer geslaagd> We mochten
verschillende bejaarden interviewen en ondertussen werd in de keuken voor ons
een heerlijke maaltijd klaargemaakt.
A.
uitwijding
B.
leerzaam uitstapje
13. Is het iets voor u om een antislipcursus te
volgen op het circuit van
Zandvoort.
A.
rondlopende baan
B.
kring
C.
rondgaand systeem
14. Wat Zwitserland voor buitenlandse
automobilisten extra duur maakt, is de verplichting een
vignet te kopen dat je achter de voorruit moet
plakken.
A.
versierend prentje
B.
beeldmerk
C.
sticker als bewijs van betaling
15. Aan de symptomen
kan een dokter vaak meteen zien wat voor ziekte iemand heeft. Heeft een kind
bijvoorbeeld hoge koorts en vlekjes op zijn gezicht, dan wijst dat op mazelen.
A.
ziekteverschijnsel
B.
kenmerk
16. Naast de
professionele diefstal hebben we in toenemende mate
te maken met onhandige amateur-diefjes.
A.
door vakmensen gedaan
B.
goed georganiseerd
17. In Nederland worden nog altijd grapjes
gemaakt over Duitsers die in de Tweede Wereldoorlog fietsen van mensen
vorderden.
A.
vooruitkomen
B.
opeisen
18. We moeten ervoor
waken dat door de plotselinge stijging van het water
in de grote rivieren, overal land onder water komt te staan.
A.
wakker zijn
B.
oppassen
C.
beschermend toezien
19. In moderne tekenfilms wordt veel gebruik
gemaakt van computeranimatie.
A.
kunstwerken
B.
bewegende tekeningen die samen een film opleveren.
C.
grafitti
20. De harde aanpak blijkt vaak een
effectief middel om
ongewenst tienergedrag in de kiem te smoren.
A.
doeltreffend, met een goede uitwerking
B.
met effect
C.
zonder gevolgen
D.
met gevolgen
21. De harde aanpak blijkt vaak een effectief
middel om ongewenst tienergedrag in de kiem te smoren.
A.
op ideeen brengen
B.
vanaf het begin onderdrukken
C.
uiterste grens
D.
losjes, als goede vrienden
22. Op TV2 kun je vanavond kijken naar de
fascinerende beelden van de
tijger in zijn omgeving.
A.
zeer boeiende
B.
leuke
C.
spannende
D.
emotionele
23. de bediening in Nederlandse winkels is
nooit onbeschoft maar wel informeel.
A.
zakelijk
B.
vriendschappelijk
C.
losjes, als goede vrienden
24. Veel fastfoodketens zoals McDonald's laten
zich inspireren door
pretparken en musicals.
A.
op ideeen brengen
B.
inpakken
C.
voorlichten
25. Je kunt van je girorekening extra geld
opnemen, maar er is een limiet.
A.
verbod
B.
boete
C.
uiterste grens
26. De trouwe klant heeft profijt van zijn
vasteklantenkaart, want hij krijgt daarmee reductie
op de prijs van bepaalde artikelen.
A.
een bonus
B.
een premie
C.
korting
27. Winkels krijgen steeds meer een
sociale functie; ze worden
gezellige ontmoetingsplaatsen voor winkelende mensen.
A.
gemeenschappelijke ruimte
B.
hulp voor de klanten
C.
taak in de maatschappij
28. Jeugdbendes
terroriseren al maanden het uitgaanscentrum van de
binnenstad.
A.
bang maken door geweld te plegen
B.
intimideren
C.
rotzooi trappen
Klaar ? Print de toets uit en lever hem bij je docent in