Wat betekenen de volgende uitdrukkingen?
Quiz
Goed gebekt zijn.
- Goed kunnen spreken.
Je mondje weten te roeren - Een knap gezicht hebben
- Een rimpelloos gezicht hebben
Dat is een wassen neus.
- Dat is gelogen
- Dat is heel kwetsbaar
- Dat stelt niets voor
Een ongeluk komt zelden alleen.
- Een ongeluk maak je zelden in je eentje mee
- Als er iets tegenzit, volgen er vaak meer tegenslagen
- Als je een ongeluk veroorzaakt, krijg je meestal veel steun
Met azijn vang je geen vliegen.
- Als je een lastige klus moet uitvoeren, moet je een plan hebben
- Met onaardige woorden bereik je niets
- Je moet geen wartaal uitslaan!
Mijn opa zei altijd: “Arbeid adelt’.
- Met hard werken kun je bereiken wat je wilt
- Van hard werken word je rijk
- Hard werken is goed voor je
Je moet geen appels met peren vergelijken.
- Onvergelijkbare dingen met elkaar vergelijken
- Verschillen tussen mensen benadrukken
- Problemen zoeken
Die nieuwe salesmanager is uit hetzelfde hout gesneden als Gino.
- Heeft dezelfde vooropleiding
- Behoort tot hetzelfde ras
- Heeft dezelfde eigenschappen
Dat is een teer punt.
- Een smerig zaakje
- Een gevoelige zaak
- Een duistere/sombere zaak
Zij willen iemand de zwartepiet toespelen.
- Proberen een slecht product te leveren
- Proberen iemand erbij te betrekken
- Proberen iemand de schuld te geven
Wat het zwaarst is, moet het zwaarst wegen
- Wat het belangrijkste is, moet voorrang hebben
- Voor iets wat moeilijk is, moet je hard werken
- Als je iets graag wilt hebben, moet je er veel voor overhebben